maandag 16 november 2009

In de krant

Nog even een naberichtje: We staan in de plaatselijke krant met een foto van onze reis. Op een borrel kwamen we namelijk een journaliste tegen die nog copy zocht voor de "Oegstgeester Courant" en daar hebben we dus maar handig op ingespeeld. Hieronder het ingescande artikel. Verder kan ik nog melden dat ik dus morgen weer echt aan de slag ga. Duurde iets langer dan ik gewend ben, maar dat zal wel zijn door dat toch de economie nog een beetje in een dalletje zit. Eerst een ochtendje op bezoek bij het RDC en daarna weer voor 30 werkdagen op een project bij de NATO in Den Haag. Klik op het artikel om het een beetje groter te krijgen. Het staat inmiddels ook op http://www.stoelmassageoegstgeest.nl .

zaterdag 17 oktober 2009

Weer thuis

We zijn al weer een dag of 2 thuis. Een beetje een jetlag hebben we nu wel. 15 oktober zijn we in Bangkok om half 8 Bangkok tijd opgestaan en bijna 24 uur later, even voor half 2 s'nachts Nederlandse tijd, kropen we in ons bedje in Oegstgeest.

Inmiddels komen langzaam de spulletjes van zolder weer naar beneden en zijn we in de tuin bezig om het onkruid dat hoog staat er uit te trekken en heb ik al weer uren aan de telefoon gezeten met diverse bekenden om een beetje bij te kletsen. Het was erg prettig thuis komen met een aantal welkom thuis kaartjes en een paar bossen bloemen. Onze dank daar voor.

Tijdens de reis ben ik dusdanig afgevallen, dat zowat al mijn broeken te wijd geworden zijn. Dat komt omdat ik normaliter nogal wat afsnack op kantoor met marsen, roze koeken en dergelijke en dat heb ik op reis dus niet gedaan. De maaltijden bestonden regelmatig uit alleen wat rijst en groenten en af een toe een klein stukje kip. In ieder geval wat minder vet dan de gemiddelde maaltijd thuis. Tegelijkertijd beweeg ik op reis heel wat meer dan op kantoor en de tropische weersomstandigheden zorgen er ook nog eens voor dat ik regelmatig aardig wat zweet.

Nou, mocht er nog wat te melden zijn mbt onze reis, dan komt dat ook nog op deze blog, maar vermoedelijk is dit voorlopig de laatste keer dat ik blog over de reis. We raden iedereen aan het zelf ook een keer te doen.

dinsdag 13 oktober 2009

Shoppen in KL

Nog maar 1 dag te gaan. Dan vliegen we naar Bangkok. Daar komen we s'avonds aan en hebben we gelijk de volgende ochtend onze laatste vlucht naar Dusseldorf. In Bangkok gaan we dus niet echt iets beleven, behalve dan dat we een hotel induiken en de volgende ochtend weer terug naar het vliegveld gaan.

De afgelopen dagen hebben we aardig wat afgewinkeld. Kuala Lumpur is de stad die zich hiervoor bij uitstek leent. Mocht een van jullie een partner hebben met een gat in zijn/haar hand, dan kun je beter weg blijven uit Kuala Lumpur. In het centrum staat het vol met shopping malls. De een nog groter dan de ander. De een vol met fototoestellen, computers en andere electronica, de volgende alleen maar kleding en weer een volgende bevat de grootste indoor achtbaan van de wereld met een heel pretpark erom heen. Shoppen, shoppen en nog eens shoppen dus. Bij ons is de "schade" beperkt gebleven tot 2 truien, 6 t-shirts en een fotocamera. Van de oude fotocamera deed het lcd-schermpje het niet meer en dat is lastig foto's nemen. Er zat namelijk ook geen kijkgaatje in. Dus je richt het toestel maar wat en klikt in de hoop dat het een mooie foto is geworden. Het resultaat zie je pas als je het SD-kaartje in de computer uitleest. Het lukt dus wel, maar er zijn dan veel foto's bij die te hoog, te laag of te ver of juist niet ver genoeg ingezoomd zijn.

We hebben niet alleen maar geshopt. We zijn ook naar de bioskoop geweest, naar de petronas towers en naar een dans voorstelling. Tevens zijn we ook nog een dag naar crab island (pulau Ketam) geweest. Daar hebben we het eiland een beetje rond gefietst. De tip hadden we gekregen van Terence en Annet. Daarvoor nog bedankt. Het is goed op eigen houtje te doen en een leuke tocht er heen met trein en jetty boot. We hebben een hoop krab gezien en uiteraard heb ik er ook een gegeten. Helaas is de krabstand op het eiland drastisch verminderd door dat een groot deel van het mangrove bos er omheen verdwenen is.

We zijn overigens maandag ochtend helemaal voor niets vroeg op gestaan. We wilden vroeg in de rij staan om tickets voor de petronas towers (ook wel twin towers) te bemachtigen, maar kwamen er daar helaas achter dat de petronas towers op maandag niet geopend zijn voor bezoekers. Dus toen hebben we direct besloten om dan maar naar crab island te gaan en dinsdag ochtend zijn we weer naar de petronas towers gegaan, en dit keer met succes.

Vanmiddag hebben we lekker Japans gegeten in een van de shopping malls. Esther riep eergisteren al dat ze dat wel leuk zou vinden. Daarna zijn we naar een dans voorstelling gegaan in Matic, vlakbij de twin towers. Leuke voorstelling. De dansen die we hier in Kuala Lumpur zien kwamen op ons toch een stuk vrolijker over dan die in Indonesie.















Al met al, we vermaken ons nog steeds tot op de laatste dag van onze zuid-oost azie reis. Morgen avond vliegen we pas, dus morgen nog even shoppen en dan.....


is het voorbij.....

vrijdag 9 oktober 2009

Bey bey Bali

De laatste 4 dagen op Bali hebben we door gebracht in Lovina, een plaats aan de Noord kust. We hebben een beetje zitten luieren bij het zwembad met een boek en een handdoek. Tussen door dwalen we wat door het centrum van Lovina op zoek naar een restaurantje of een souvenir voor thuis. In mei 2007 zijn we ook al in Lovina geweest, maar omdat we de naam van ons hotel toen niet meer wisten zijn we nu in een ander hotel gaan logeren. Op een van onze wandeltochtjes vinden we toch ons hotel van de vorige keer weer terug. Van 2 jaar geleden herinneren we ons nog dat we hier op het strand een van de beste massages hadden gehad van een masseuse die daar destijds dagelijks op het strand vertoefde. Zou ze er nog zijn, 2 jaar later? En ja hoor, na enige navraag, blijkt ze nog steeds op de zelfde plek regelmatig toeristen te masseren. Het is best leuk, om zo iemand na 2 jaar terug te vinden en weer te kunnen genieten van de zelfde stevige massage. Niet dat geaai dat ik in april in die Thaise massage salon kreeg met opmerkingen erbij als "I like tall men". Ja, ja, het zal wel, een massage, daar kwam ik voor, niet dat geaai en gepaai. Hier dus wel gewoon een stevige massage waarna je bij je zelf denkt, he ja, lekker, ik heb het idee dat allemaal weer wat losser zit.


Ook goed om te zien dat Lovina er nu veel mooier uit ziet dan 2 jaar geleden. Toen leed Lovina nog veel onder de naweeen van de Bali bombing enkele jaren daar voor. Er is destijds een terugval van toerisme geweest van, laten we zeggen 100% voor de bommen tot 5% na de bommen. Veel dus, met als gevolg dat veel mensen in de toerisme sector zonder werk kwamen te zitten. En dat was terug te zien in het straatbeeld. Gelukkig trekt het nu dus weer aardig aan, en je ziet gelijk dat een plaats als Lovina ook weer opleeft. Het verschil met ruim 2 jaar geleden is duidelijk te zien.

Dinsdag ochtend komen we Jimmy tegen. Een Balinees op een brommer. Hij spreekt zo veel mogelijk toeristen aan omdat hij op zoek is naar toeschouwers voor het optreden van de school waar hij leraar is en waar ook zijn eigen kinderen op school zitten. Hij belooft ons om ons om 10 voor 7 op te halen bij ons hotel. Hij is die avond precies op tijd en even na 7 zitten we bij het schooltje. De voorstelling is leuk. Het is een avond vol met traditionele dansen met af en toe een modern tintje, zoals wanneer een van de kleine mannetjes een beweging van Michael Jackson na doet, dat wil zeggen even een minuutje in je kruis graaien met rare wilde heup bewegingen. Tussendoor zien we nog wat demonstraties van vechtsport. Je ziet dat al die traditionele dansen er bij al die kleintjes al vanaf heel jong met de paplepel ingegoten wordt.

Woensdag ochtend vroeg om 6 uur gaan we nog mee met een boottocht op zoek naar dolfijnen. Dit is de tijd dat er veel dolfijnen gezien worden, zeggen ze. En toen we gisteren vroegen of ze veel dolfijnen gezien hadden, wat het antwoord natuurlijk ja. Maar helaas, we varen bijna 2 uur zonder maar een dolfijn te zien. Het is er niet het juiste weer voor, horen we dan. Van andere mensen horen we, als we s'avonds nog een biertje drinken, dat ze ook niets gezien hadden en dat ze overdag na de boottocht weer elders geinformeerd hadden voor nog een dolfijnentocht de volgende ochtend. En weer kregen ze te horen dat er die ochtend veel dolfijnen gezien waren. Verkoop praatjes dus. Maar wel begrijpelijk, als ze vertellen dat ze al dagen geen dolfijn gezien hebben, gaat er niemand mee.

s'avonds voordat we een hapje gaan eten lopen we Markus tegen het lijf. Een Balinees, net als Jimmy. Hij is helemaal op en top netjes gekleed voor een ceremonie. Zijn eigen trouwceremonie, krijgen we te horen. Zijn broer heeft het allemaal geregeld. We worden uitgenodigd en, na een vlug hapje en even omkleden zitten we een half uur later met een sarong aan en met nog 3 andere Nederlanders bij hem in de auto. Hij rijdt een dikke 10 minuten naar het Westen en slaat linksaf. Na een kleine kilometer keert hij weer om. Terug naar de hoofdweg, weer bijna 10 minuten terug richting ons hotel en dan een andere afslag. Hij doet het voorkomen alsof hij zenuwachtig is en dat hij verkeerd gereden was. Een beetje verdacht, denken we op dat moment, maar het zal wel. Bij die 2e afslag na een paar honderd meter gaat hij in ene de weg vragen. Kom op zeg, je weet de weg naar je eigen trouw ceremonie toch wel? Hij stapt weer in, de ceremonie is op een uur rijden, maar hij heeft de auto maar tot 10 uur gehuurd, dus dat redden we niet. Zijn broer heeft gelogen, zegt hij. Zijn broer had gezegd dat het dichterbij zou zijn. Maar we kunnen nog naar een andere tempel dichtbij, daar is ook een ceremonie. Doe dat dan maar. Daar aangekomen is alles donker, geen ceremonie. Nou Markus, hoe zit het nou precies? De ceremonie is al afgelopen, zegt hij. Ja, aan me hoela, er is volgens mij gewoon geen ceremonie geweest. Hij brengt ons terug naar het hotel en staat daar wat zielig te doen, want hij heeft wel de auto gehuurd. En dat kostte hem 150.000 roepia. Of we 50-50 die kosten met hem willen delen. Niet dus. Volgens mij was die hele ceremonie allemaal maar lariekoek om toeristen mee in de auto te krijgen die dan vervolgens de zogenaamde huur van de auto mogen betalen. Verhaal de kosten maar bij je broer. Als we niets betalen, rijdt hij boos weg. Wij hebben wel weer wat te vertellen op de blog, maar liever hadden we gewoon de beloofde ceremonie gezien. Bij navraag in het hotel blijkt het inderdaad om een onbetrouwbaar persoon te gaan. Gelukkig hebben we niets betaald.

In de vorige blog had ik me nog wat beklaagd over de regen in Ubud. Gelukkig was het de dagen na die blog weer droog. Voordat we vanuit Ubud naar Lovina gingen hebben we dus ook nog een beetje van het weer in Ubud kunnen genieten. In Ubud heb ik nog een kapper bezocht, zijn we beiden nog onder handen genomen voor een Balinese massage en hebben we nog een dans voorstelling gezien. Verder struinen we wat rond over de markt en langs de winkeltjes.

Wat me overigens opviel is dat de shuttlebus van Ubud naar Lovina een stuk duurder is dan in de omgekeerde richting. Blijkbaar is Ubud toch duidelijk meer een plaats voor de duurdere toeriste, de zogenaamde jetset, en dus liggen de prijzen voor vervoer er ook een stuk hoger.

Inmiddels zitten we in KL (Kuala Lumpur). Om half 3 s'nachts zijn we aangekomen bij ons hotel. Nog een kleine week en we zijn weer thuis. Hier in KL doen we nog wat inkopen en bezoeken we nog de Taman Negara of Crab Island. Welke van de 2 beslissen we in de loop van de komende dagen nog wel. We hebben hier tot de 14e en dan vliegen we naar BKK om 1 nachtje te slapen en om daarna de volgende ochtend vanaf het vliegveld naar Dusseldorf te vliegen. Een beetje tweeslachtig gevoel: aan de ene kant fijn om toch ook weer thuis te komen en familie en vrienden weer eens te ontmoeten. En tom poes.... zou ze boos zijn dat we zo lang weg geweest zijn? of juist blij dat we weer terug zijn? of interesseert het haar geen ene donder? En aan de andere kant, jammer, het is alweer voorbij, 6 maanden van huis op een wereldreis door ZO-Azie, veel gezien en meegemaakt, en tegelijkertijd nog zo veel meer te zien en mee te maken. We kunnen hier nog veel langer rondreizen.....

vrijdag 2 oktober 2009

Regen, regen en nog eens regen

Volgens de boekjes gaan we in oktober langzaam aan weer een beetje richting het regenseizoen hier in Bali. Nou, noem dat maar langzaam aan. Alsof ze de klok erop gelijk hebben gezet. Tot en met 30 september zien we al weken geen spat regen. De paden in Maumere zijn kurkdroog. Op 1 oktober vliegen we naar Bali en prompt begint het te regenen. En het blijft maar regenen. Nu al een dikke 30 uur met af en toe 5 minuten dat het wat droger lijkt.

Maar het heeft ook positieve kanten. Kan ik eindelijk weer eens even goed de tijd nemen om de blog bij te werken. Al weken had ik hier niet naar omgekeken, dus nu heb ik gelijk maar 3 berichtjes op een rij geplaatst. Het verhaal van Lamalera is al van 2 weken geleden. En dat ik ziek op bed lag is nu een dag of 5 geleden.

We zijn nu in Ubud, een dorpje met veel kunstzinnige uitingen en cultuur ergens in het midden van Bali. Het toeristische hart van Bali, zo ongeveer. Samen met Kuta dan, maar dat is veel meer een soort van Costa del Bali met zee, strand en uitgaansgelegenheden.

Onze homestay heeft een zwembad. Maar we hebben er met dit weer nog geen minuut aan gedacht om even lekker te zwemmen. Wel lopen we wat rond met een paraplu. Om de paar minuten zie je weer een ander mannetje dat ons vraagt of we transport nodig hebben. Zie ik er soms uit alsof ik niet kan lopen? Ik ben de wicked witch in het verhaal van de Wizard of Oz niet, dus van die regen smelt ik ook niet. Zodoende shoppen we een beetje naar wat souvenirs en eten we eens wat bij een restaurantje.

Nog maar 2 weken en dan zijn we weer thuis. Tot de 9e oktober zijn we nog op Bali en per de 9e vliegen we naar Kuala Lumpur. Daar zijn we dan nog een aantal dagen om dan per 14 oktober naar Bangkok te vliegen. De 15e vliegen we door naar Dusseldorf en s'avonds hebben we een treinticket naar Leiden, alwaar we even na middernacht aan zullen komen.

Wie weet plaats ik van de week nog wat meer foto's. Misschien ook wel niet....

Klein wondje, grote gevolgen

Al een dag of 10 liep ik met een schaafwond van een paar vierkante cm aan mijn rechterenkel. Het leek aardig te genezen, maar door de warmte hier in de tropen duurde het allemaal toch wat langer dan gewenst. De boottochten van en naar Lembata en de dagen die we in Lamalera verbleven waren verder geen probleem. Wel een beetje lastig zo een schaafwond, maar meer ook niet. De 11e dag zitten we op 25 km van Maumere in een bungalow van de sunset cottage en gaan we mee met een boottrip om op verschillende lokaties wat te snorkelen. Zout in de wond kan geen kwaad, dacht ik zo, daar spoelt het alleen maar schoon van. En overdag is het nog volop genieten van een paar haaien die ik onder water spot, een schildpad, een aantal kreeften, een tijgerrog en nog vele andere kleine visjes boven het koraal.

Die avond ben ik echter hondsmoe. Mijn enkel ziet er wat opgezet uit. Ik wil vroeg gaan slapen, maar doe de hele nacht zowat geen oog dicht vanwege de steken en de jeuk in mijn enkel. De volgende ochtend is zowat mijn hele voet gezwollen en heb ik hoge koorts. Ik zweet me een slag in de rondte en de koude rillingen lopen over mijn rug. Als ik te snel op sta duizelt het. Ik ga maar snel weer mijn bed in en ben de hele ochtend als een zombie. Esther regelt nog een lunch voor me, maar dan lijkt het alsof ik echt bijna tegen de vlakte ga.

Toch maar naar de dokter, besluiten we. Dat is 5 km verderop en gelukkig lukt het vrij eenvoudig om daar met een gecharterde bemo te komen. Daar wordt er wat met wat naalden en een mesje in het wondje geprut om de boel schoon te maken. Er schijnt wat zand te zitten in de wond, maar wat wil je ook, met al die stranden hier. Nog steeds als een zombie laat ik het allemaal maar gebeuren. Ze meten ook mijn bloeddruk nog. Het kan dus toch nog lager dan dat ik in de blog op 25 mei had beweerd: 90 over 50. Dat verklaart gelijk mijn duizelingen van die ochtend. Ook die van Esther wordt gemeten want ook haar maag begon zich wat om te draaien en ze was bang flauw te vallen. Gelukkig was haar bloeddruk wel in orde.

Van de dokter krijg ik nog wat antibiotica en nog wat andere pillen mee. Ik slaap nog wat die dag en pas s'avonds wordt de koorts wat minder. Daarna duurt het nog een paar dagen voordat de zwelling in mijn voet verdwenen lijkt te zijn. Inmiddels lijkt er weer een gewoon korstje op mijn enkel te zitten en hopelijk blijven onstekingen verder weg.

Lamalera, beam me up

De walvisjacht, het is er helaas niet van gekomen. Althans, het is maar hoe je het bekijkt natuurlijk. Aan de ene kant klinkt het heel erg avontuurlijk om met een aantal kleine bootjes en wat speren de zee op te gaan om, op een traditionele manier, een walvis te vangen. Aan de andere kant, zijn het zulke mooie beesten en zou het gewoon zonde zijn dat er weer eentje het loodje moet leggen omdat er een stel mensen zijn die zo nodig een walvis moeten vangen.

Maar niet dus. We zijn via Larantuka met de boot naar het eiland Lembata gevaren en hebben eerst nog een dag in Lewoleba rondgelopen. Dan met de 4WD naar Lamalera, een dorpje aan de zuidkust van Lembata. De rit er naar toe gaat over weggetjes die alle kanten op slingeren dwars door de jungle. In Lamalera checken we in bij de homestay van Guru Ben. De enige andere toerist die ook in Lamalera zit, heeft ook een kamer bij Guru Ben. Verder zijn er in het dorpje nog een fotograaf van National Geographic, een filmcrew van de BBC en nog een filmcrew van TV France. Allemaal willen ze getuige zijn van de vangst van een walvis. En allemaal worden ze net als wij, wat de walvissen betreft, enigszins teleurgesteld. Dit jaar zijn er pas 3 walvissen gevangen en allemaal op dezelfde dag in juli. Sindsdien hebben ze geen walvis meer gezien.






Voor het overige is Lamalera verder echter niet teleurstellend. De sfeer is relaxt, het weer net even te warm, maar er is volop te zien. We zien een heleboel walvisbotten nog bij het strand. We zien merlins van ruim 3 meter die binnen worden gebracht, dolfijnen, manta's van 2m breed en veel tonijn. Allemaal voor de consumptie door het dorpje of voor de handel met de omliggende dorpjes.

Als ik dan zo een manta op het strand zie liggen, gaat gelijk ook een beetje de fantasie met me aan de haal. Het doet me denken aan battlestar galactica, die serie van eind jaren 70 van de vorige eeuw. De kleinere ruimteschepen hebben ongeveer een zelfde vorm als de manta die je op het strand ziet liggen. Ik zie voor me hoe zo een manta lasers af vuurt op de andere vissen, 2 tegelijk vanuit ieder oog 1. En als hij ze dan geraakt heeft komt de beamstraal om de geraakte vis binnen te halen.

vrijdag 18 september 2009

Muizen in bed

De tijd vliegt voorbij. We zijn al ruim 5 maanden onderweg nu. Nog 4 weken slechts, en dan weer naar huis. Inmiddels zijn we net aangekomen in Maumere, in het Oosten van Flores. De afgelopen 4 dagen hebben we een beetje uitgerust in Woloara, een klein plaatsje vlakbij Moni en Gunung(=vulkaan) Kelimutu. Deze vulkaan is bekend vanwege de 3 meren die vanaf de top te bewonderen zijn met ieder een andere kleur. Daarbij veranderen de kleuren ook nog eens eens in de zoveel maanden. 2 van de 3 meren hadden, toen wij er waren, bijna de zelfde kleur. Het derde meer was een stuk donkerder.

In de nachten werden we opgeschikt door een hoop kippen op het terras. Althans, dat dachten we. Toen we s'avonds weer een kaarsje aan wilden steken, konden we de kaarsen nergens vinden. Na even zoeken bleken ze achter onder het bed te liggen vlakbij een gat waar de muizen of ratten, dat weten we niet, zich als het ware zowat in ons bed konden verschansen. En Esther zat s'nachts al te klagen over het geluid dat zo dichtbij leek. Nu weten we tenminste wat het was. Toen gingen we de eigenaar (Roberto van Palm hotel, leuke bungalows overigens! zie ook http://indonesieflores.com/) inlichten en zijn zoontje kwam meteen met een goede oplossing: We zetten de kat wel even in jullie kamer. Helaas was de kat in onze kamer te gestresst om de beestjes te kunnen vangen en wilde er alleen maar weer zo snel mogelijk vandoor.


Voor Moni en Kelimutu waren we een paar dagen in Ende. Geen bijzondere stad, maar leuk om gewoon even rond te lopen. De vulkaan Meja die bij Ende ligt was helaas de minst bijzondere die we tot dus ver hebben beklommen. Een dagje wandelen op het strand was verder wel genoeg in Ende. Hier een foto van 1 van de mannen uit een groepje dat zat te kaarten op het strand.

Als we nog verder terug gaan, gaan we naar Riung. Daar hebben we een dagje gesnorkeld tussen de eilandjes voor de kust en vanuit de boot vele duizenden vliegende honden gezien die de lucht zowat zwart kleurden. Echt een hele hoop. De tocht deden we samen met Daniel, Karl en Daniel zijn moeder uit Tsjechie.








Voor Riung waren we in Bajawa. Ook al een erg relaxed plaatsje. Hier deden we een 2-daagse trekking met overnachting in 1 van de traditionele dorpjes. Onze gids voor die dagen, Arnold, vertelde leuk over de dorpjes en hun gewoontes.





We houden het nu even kort verder. Maumere is voor nu slechts een tussenstop. Morgen gaan we namelijk door naar Larantuka en als het even kan direct door naar het eiland Lembata omdat er in het zuiden van dat eiland nog een dorpje is waar ze walvissen jagen met simpele speren. En dan niet voor commerciele doeleinden, maar gewoon om in hun eigen levensonderhoud te kunnen voorzien, en slechts enkele per jaar. Benieuwd of we nog iets mee kunnen maken, want in oktober is het echt het walvissenseizoen hier en dat is bijna.

vrijdag 4 september 2009

Drakenjacht

Drakenjacht, dat klinkt alsof je in een of ander middeleeuws verhaal terecht gekomen bent waarbij de ridders de draken moeten verslaan om hun geliefde te redden omdat die door de draak wordt bewaakt. Of, zoals in vele fantasy boeken, om een schat te vinden. Vaak zijn die draken dan ook nog tot spreken in staat en hebben ze de mooiste groene, blauwe, gouden en zilveren kleuren en hebben ze vleugels. Ook Esther en ik zijn nu op drakenjacht geweest. Helaas niet zo romantisch als in al die voorgenoemde verhalen, maar gewoon met een fototoestel om plaatjes te schieten. Onze drakenjacht begint op Rinca en de dag erna op Komodo. We hebben voor 3 dagen een boot gehuurd, met bemanning, om ons naar deze eilanden toe te laten varen.


















Rinca spotten we een stuk of 12 draken. Grote logge beesten met klauwen en dodelijke tanden. Ons is verteld dat 1 beet genoeg kan zijn om een waterbuffel te doden. Weliswaar is deze dan niet meteen dood, maar de vele bacterien op de tanden van de draak doen met een week of 2 dusdanige onstekingen ontstaan dat het met de buffel is gedaan. Behalve buffels eten ze ook herten, vogels en apen. Ons is ook verteld dat er wel eens een eigenwijze toerist verdwenen is op Rinca. Niet even aaien dus, zo'n draak. Voor wat onze draak betreft, gaat het om de Komodo varaan. Hiervan zouden er in totaal nog ongeveer 2500 in leven moeten zijn. Dit wonder van de evolutie is soms meer dan 3 meter lang en enkele ervan wegen tegen de 100 kilo.


De draken zijn traag. Ze zijn namelijk koudbloedig en pas als het zonnetje ze goed heeft opgewarmt kunnen ze zich enigszins fatsoenlijk bewegen. Ze staan op de eilanden Rinca en Komodo boven aan de voedsel keten. Alleen jonge draken hebben nog iets te vrezen van andere draken vanwege hun kannibalistische gedrag. Verder hoeven ze nergens bang voor te zijn.


Op Rinca lopen we met een gids die een lange stok heeft om de draken op afstand te houden voor het geval ze het in de bol krijgen om te dicht bij te komen.


Tijdens deze 3 dagen snorkelen we ook een hoop. We "jagen" ook nog op manta's, maar helaas vertonen deze zich niet aan ons. Desondanks zijn de koraalriffen die we al snorkelend bezoeken erg mooi en zwemmen er erg veel vissen in allerlei kleuren. Ook zien we volop zeesterren, zeeegels, inkvissen en spotten we nog een reuze schildpad die boven het koraal zwemt terwijl wij met onze masker en snorkel op de bodem af turen.


Even terug in de tijd. De vorige keer waren we gebleven op Gilli Trawanang vlakbij Lombok. Daar vandaan zijn we naar Mataram gegaan, bezoeken we het waterpaleis en de grootste tempel van Lombok, Pura Meru. De dag daarop met de bus naar Labuhan Lombok te gaan om de Ferry naar Sumbawa te nemen en daarna direct de bus door naar Sumbawa Besar, de grootste stad op Sumbawa. In Sumbawa Besar zien we 2 dagen lang geen enkele andere westerse toerist. De meeste toeristen nemen de boot langs de Noordkust van Sumbawa en zien weinig van het binnenland van dit eiland. Sumbawa Besar is best een leuk stadje. Het is vooral leuk om aan het einde van de middag langs alle eetkraampjes te lopen die je in het centrum van Sumbawa Besar volop ziet. Natuurlijk proberen we ook het een en ander te eten wat we niet kennen. En uiteraard doen we hier nog een dagje op de brommer. De eerste keer dat we ook aangehouden worden door de politie. Gelukkig heb ik een internationaal rijbewijs dat ik kan tonen. Niets aan de hand dus. Hij keek wel wat teleurgesteld, die politieman...


Vanuit Sumbawa Besar reizen we naar Dompu. Niet veel bijzonders, maar we slapen er toch een nachtje. We zeggen nog tegen elkaar, hier is s'avonds niets te doen, maar dan raken we met een vrouwtje bij een of ander eettentje in gesprek en daar zitten we toch nog met de hele familie te kletsen tot een uur of 10. Van die familie spreekt Yusna een beetje Engels en met mijn "Wat&Hoe taalgids Indonesisch" vermaken we ons uitstekend.


Daarna gaan we een paar dagen naar Lakey Beach, een strand vlakbij Hu'u aan de zuidkust van Sumbawa. Een heuse surfplek met aardig wat zongeblonde haren van de surfers die er hun kunsten vertonen in de Lakey pipe. Best een apart sfeertje zo, tussen al die surfers. Maar zelf surf ik niet. De golven hier zijn namelijk niet geschikt voor beginners. We zien aardig wat surfers met schrammen en wondjes omdat de golven ze tot vlakbij een of ander rif brengen.


Na een paar dagen strand willen we vanaf Hu'u met de bus naar Sape. In de lonely planet lezen we namelijk dat de ferry naar Flores om 8 uur s'ochtends gaat. Als we echter om half 3 s'middags in Sape aankomen en, gelukkig voordat we inchecken, even checken of de boot de volgende ochtend inderdaad wel om 8 uur gaat, zien we dat er de volgende dag geen boot gaat, maar dat de boot nog dezelfde dag om 4 uur s'middags zal vertrekken. We zijn dus gelijk maar door gegaan. Dus na eerst 7 uur bussen, gelijk nog maar even 7 uur op de ferry. Helaas vertrok de ferry met een hoop vertraging pas om 9 uur s'avonds. We komen dus om 4 uur s'nachts aan in Labuanbajo. Daar staan we dan met onze rugzakken. We proberen een paar hotels, maar helaas de recepties zijn gesloten. Dan vinden we gelukkig nog een restaurantje waar we een hapje eten. We besluiten om maar gewoon tot de volgende ochtend te wachten met het verder zoeken naar een slaapplaats en brengen de rest van de nacht door onder de open sterrenhemel alsof we een stel daklozen zijn. Helaas waren de volgende ochtend in eerste instantie de meeste hotels al volgeboekt en moesten we afwachten hoeveel andere mensen er die ochtend nog zouden uitchecken. Als we dan aan het einde van de ochtend toch een kamer weten te bemachtigen douchen we even. Die middag regelen we alvast de boot voor onze drakenjacht en s'avonds gaan we weer vroeg slapen om toch een beetje slaap in te halen zodat we nog een beetje uitgerust beginnen aan onze drakenjacht.


Inmiddels is die drakenjacht alweer verleden tijd. Nadat we na onze 3daagse boottrip nog 1 nachtje in Labuanbajo slapen zijn we vandaag met de bus naar Ruteng gegaan. Esther heeft helaas wat keelpijn en bijna geen stem meer over. Dus na een bezoekje aan de plaatselijke apotheek ligt Esther nu wat te slapen en zit ik even lekker mijn verhaaltje in te tikken en wat foto's te selecteren die ik erbij wil plaatsen.


Op onze planning voor de komende week staan de plaatsen Bajawa, Riung en Ende. En wat daarna komt zien we dan wel weer. Voor nu iedereen weer de groeten uit Flores.

zaterdag 22 augustus 2009

Auw, mijn benen

We hebben net 2 dagen rustig aan gedaan. We lopen alsof we 2 bejaarden zijn. De 2 dagen ervoor hebben we een trekking gedaan naar Rim Senaru bij Gunung Rinjanu. De eerste dag was zowat alleen maar bergop lopen gedurende een uur of 7. De tweede dag alleen maar naar beneden voor bijna 5 uur. Het gevolg is dat we nu al 2 dagen spierpijn in onze benen hebben. En dat ondanks alle trekkings die we al gedaan hadden. De trekking vonden we zelf heel bijzonder omdat we voor het eerst roodgloeiende lava hebben gezien en bosbranden op de achtergrond. De vulkaan was namelijk eind april en begin mei nog uitgebarsten. En nu was deze nog steeds actief. We mochten dan ook niet helemaal naar de top maar hebben desondanks mooie foto's van de gloeiende lava kunnen maken.

Direct na de trekking zijn we naar Gili Trawanang vertrokken, een eilandje vlakbij Lombok met goudgele stranden. Een mooie plek om even bij te komen.

Hieronder een selectie van wat foto's die we in de afgelopen tijd hebben gemaakt. Te beginnen met 2 foto's nog uit Kuala Lumpur, daarna 1 in Sengigi, een stuk of 5 van de trekking en eentje total loss ergens op het eiland.


















dinsdag 18 augustus 2009

Berapa Harganya?

Berapa Harganya... Hoeveel kost het? Een van de zovele zinnetjes die ik inmiddels in Bahasa Indonesia ken. En ik versta het antwoord 9 van de 10 keer ook nog. Vanaf Kuala Lumpur zijn we de 14e naar Den Pasar gevlogen. We waren bang dat dankzij het hoogseizoen en het late tijdstip dat we aankwamen het moeilijk zou zijn een kamer te vinden. Maar het viel mee. Gewoon een kamer van ongeveer 10 Euro op Poppies Lane 2 in Kuta. En de taxi daar hebben we ook niet al te veel voor betaald. De eerste taxi chauffeur probeerde om 150.000 Rp (seratuslimapuluhribu) te krijgen, de tweede 80.000 (delapanpuluhribu) en uiteindelijk hebben we gewoon 20.000 (duapuluhribu, en dat inmiddels allemaal zonder boekje) betaald. Ze proberen het gewoon iedere keer weer bij de nieuwe toeristen. Even 100m verder lopen is vaak voldoende om een gewone prijs te krijgen.

Na 1 nachtje Kuta hebben we het wel gezien. Veel te druk en te lawaaiig. Dus we gaan naar Padangbai, de haven in het zuidoosten van Bali. Daar huren we weer een dagje een brommer en de dag daarna gaan we met de ferry naar Lombok. Die ferry was gisteren, en vandaag zitten we even bij een Wifi hotspot in Sengitti. Even vlug nog de e-mail checken, nu.nl lezen, kort verhaaltje op de blog en door naar het strand.

Morgen gaan we de vulkaan op. Helaas mogen we niet helemaal naar de top, want de vulkaan is vrij recent nog actief geweest. We gaan een 2-daagse trekking doen met 1 nachtje in een tent. Daarna gaan we naar de Gilli eilanden. Eens kijken of dat ons een beetje bevalt.

donderdag 13 augustus 2009

Gat in mijn broek

Vijf hechtingen, het resultaat van een ongelukje op een steile helling in de buurt van Pantai Bungus waarbij de concentratie 2 tellen verslapte. Pantai Bungus is een klein badplaatsje op een km of 20 van Padang op Sumatra. De remmen deden het niet zo goed en het was een steil weggetje naar beneden met een hoop steentjes. De brommer slipte weg en daar gleden we een paar meter. Mijn rechteronderarm was lelijk beschadigd met een snee van ongeveer anderhalve cm diep waarbij je het witte vlees goed kon zien. Gelukkig bloedde het niet heel erg. Verder zat er nog een gat in mijn knie, maar bleef het bij schaafwonden.

Al gauw stond er een man of 8 om ons heen. Ik had mijn arm al gezien en direct geprobeerd of ik nog alles kon bewegen. Dat kon, dus even verder kijken. Toen zag ik een gat in mijn broek bij de knie. Esther zag ook mijn arm en begon te roepen "Je arm, je arm, je arm". En ik reageer nuchter... "Ja, en er zit ook een gat in mijn broek". Net of dat dan belangrijk is op zo'n moment. Ik had een grote ongebruikte zakdoek in mijn broekzak en die bonden we om mijn arm om de snee enigszins bij elkaar te houden. Ik stond op en kon bij een van de mannen achterop mee naar de dokterspost. Dat lukte niet in een keer, want toen ik op stond werd ik in ene toch wat zwart voor de ogen. Dus toch maar weer even zitten. Ook de tweede poging lukte nog niet, dus nog wat langer zitten. Daarna ging het verder prima. Bij de dokterspost werd mijn arm goed schoon gemaakt, kreeg ik een spuitje met verdoving en vervolgens vijf hechtingen. Ook mijn knie werd nog schoon gemaakt, maar daar waren geen hechtingen nodig. Ik kreeg verder nog wat antibiotica mee en wat anti-allergie pilletjes. Toen ik weer naar buiten kwam stonden de 8 man die we bij het ongeluk stonden allemaal nog nieuwsgierig te wachten. Inmiddels zijn we 8 dagen verder en al sinds afgelopen maandag in Kuala Lumpur. Gisteren zijn de hechtingen alweer verwijderd en het lijkt allemaal voorspoedig te genezen. Het zal vast wel een litteken worden, maar dat zien we dan wel weer.

Esther, die achterop zat, had overigens alleen een heel klein schaafwondje aan haar hand. Ze was tijdens de val boven op mij gevallen waardoor ik al het geschuif op de stenen voor 2 kon opvangen. De verzorging kost op Sumatra overigens bijna niets. De hechtingen en antibiotica samen nog geen 5 Euro. 3 dagen later nog een keer verband vervangen deden ze voor niets omdat we s'ochtends bij de dokterspost waren. Het gat in mijn broek is voor omgerekend 21 cent gemaakt door een kleermaker.

De dagen na het ongelukje hebben we het een stuk rustiger aan gedaan. Inmiddels hebben we hier in Kuala Lumpur alweer een 60 dagen visa geregeld voor Indonesie en vliegen we morgen weer naar Bali. Gisteren en vandaag zijn we weer met Terence en Annet opgetrokken. Zij waren noodgedwongen wat langer in KL omdat Terence een nieuw paspoort nodig had. Eerder hadden we al een week in Laos met ze opgetrokken. Dinsdag avond hebben we bij Brenda gegeten. Zij woont en werkt in KL en haar hadden we bij Beristagi en Lake Toba ontmoet.

zaterdag 1 augustus 2009

Bananenpannekoeken, kattestreken en bierspenen

Wat was het toch even lekker eten bij Lake Toba. Met name de bananenpannekoek die we 3 ochtenden op rij hebben besteld bij de bookshop/restaurant om de hoek was voortreffelijk. We dachten weer een gewone lekkere pannekoek met banaan te krijgen, zoals je die veel aantreft in ZO-Azie, maar deze overtrof alle anderen. In de dubbelgevouwen pannekoek zat niet alleen banaan, maar ook volop kokos en cacao. En bovenop de pannekoek was de chocolade hagelslag en honing de finishing touch. De eigenaar, pappie, zoals we hem konden noemen, wist ook voortreffelijke Ikan Pangang, dat is vis van de Barbeque, te maken. Omdat anderen hun bestelde vis niet kwamen ophalen kregen we nog wat extra vis van de BBQ. In de eerste 3 maanden van onze reis was ik maar liefst 6 kilo afgevallen door dat we veel wandelen in de bergen en de jungle en waarbij we, dankzij de temperaturen, zweten als een otter. Daarbij eet ik een stuk gezonder en snoep ik een stuk minder dan in Nederland. Maar bij Lake Toba ben ik volgens mij weer aangekomen.

Bij Lake toba hebben we 1 dag met een motorfietsje heel Samosir eiland rondgetufd samen met Brenda die we ook al in Beristagi hadden ontmoet. Dat is dik 130 km en dan voel je je billen wel aan het einde van de rit. Esther heeft samen met Brenda nog een middagje kook cursus gedaan en verder hebben we gewoon lekker geluierd met een boek erbij.

Vanaf Lake Toba zijn we met de bus naar Bukittingi gereisd. Een hele zit van 16 uur lang. Je vertrekt voordat het donker wordt en je komt aan als de zon alweer hoog aan de hemel staat. De eerste nacht in Bukittingi slapen we in een erg eenvoudige kamer. De tweede nacht slapen we toch maar ietsje luxer. Op 1 van de dagen huren we weer een motorfiets, want dat is volgens ons toch de makkelijkste manier om de omgeving te verkennen. We hebben 2 Raflesia bloemen gezien die net een paar dagen in bloei waren. Daar voor moesten we een klein eindje de jungle in en bij de ingang van de jungle was er een gids die met ons mee ging om de bloemen aan te wijzen. De Raflesia bloemen zijn de grootste bloemen ter wereld. Sommige bloemen kunnen een doorsnede van 1 meter hebben. De bloemen die wij zagen schat ik op een cm of tachtig.

Als we naar Lake Maninjau willen vragen hoe we dit het beste kunnen doen. We hadden al gelezen dat een public bus ons in anderhalf uur daar naar toe kan rijden. Volgens het hotel duurt het dan echter 3 uur. We kunnen beter van zijn bustickets gebruik maken want dan zijn we er veel sneller. Dat kost dan wel 3 x zo veel. Hoe laat gaat die bus dan? Tsja, die van 11 uur is al vol dus dan kun je met die van 12 uur mee. Eh, niet dus, we lopen zelf wel naar de bus station en daar vertrekt de bus na 3 kwartier wachten en brengt ons gewoon in anderhalf uur naar Lake Maninjau.

Bij Lake Maninjau slapen we de eerste nacht in een vieze kamer. We hebben het idee dat s'nachts de mieren over ons heen lopen en de avond voordat we gaan slapen zie ik nog een bijennest in de douchecel. Die is dus echt al in geen tijden meer goed schoon gemaakt, want anders zou er nooit een bijennest kunnen zitten en algen op de muren. Reden genoeg om de volgende dag snel te verkassen naar een hotelletje dat wel schoon is. Ook bij Lake Maninjau huren we weer een motorfiets om het meer rond te rijden. De dag erop gaan we eventjes wandelen. Dat werd dus weer een wandeling van 6 uur. Onderweg spotten we nog de rode Thomas Leaf monkey. De zwarte hadden we al in Bukit Lawang gezien. Nu de witte nog, als die bestaat tenminste.

De volgende dag is weer rustig aan met een boek op schoot. Na de lunch gaan we toch weer even wandelen. We hadden de avond ervoor gehoord waar we de vliegende honden konden vinden en die wilden we nu opzoeken. Een kilometer of 4 van ons hotel vandaan hebben we ze gevonden. Bomen vol met van die hele grote vleermuizen. En een hoop lawaai. Met al dat geloop werken we wel goed aan de bierspenen..., spierbenen???, beenspieren!!! Onderweg zien we nog wat apen bij een huis. Als we ze bekijken zien we een schuldige blik. Die zijn duidelijk bezig om apekwaad, euh.. kattestreken??? neeee, apenstreken uit te halen.

Morgen verkassen we weer. We nemen in eerst de bus terug naar Bukittingi om daarvandaan gelijk de bus door naar de Harau Valley te nemen. Dat is een valley met diverse watervallen, jungle met zingende gibbons en we hebben een kamer gereserveerd bij de Echo Homestay. In de volgende blog lezen jullie dan wel hoe deze is bevallen.