zaterdag 30 mei 2009

Naar de waterval....

En daar stonden we dan. De man van de boot was er nog steeds niet. We hadden toch echt 3 uur gezegd tegen hem? Ja zeker wel, ik heb zelfs nog 3 vingers opgestoken en de man zei toen ok. Maar ja, eerder op de dag begreep hij ook al niet veel van wat we zeiden, dus ook nu zal hij het wel weer niet begrepen hebben. En zoals zoveel van die Aziaten, knikken ze toch van ja dat ze het begrepen hebben.

Terence (zie ook http://terenceannet.waarbenjij.nu/ )had die ochtend een goede deal gesloten met een van de vele toeristen bureautjes op het eiland Don Det. Voor een klein bedragje per persoon zouden we met zijn vieren in een klein dorpje afgezet worden even voor de Khone Papheng watervallen. Daar zouden we ons een tijdje vermaken om na een aantal uur weer opgepikt te worden voor de terugreis naar Don Det.
Vol goede moed gingen we in de boot op weg naar de Khone Papheng watervallen. Na een half uurtje varen begon bij iedereen de twijfel toe te slaan: Gaan we nu wel naar de goede watervallen? Volgens mij gaan we weer naar dezelfde watervallen als die we gisteren al bezocht hebben. Heeft iemand nog de Lonely Planet bij zich? Wat was de naam van die waterval ook al weer waar we heen gaan? Zonder dat we nog de naam van de gewenste bestemming hadden probeerden we aan de bestuurder van onze boot duidelijk te maken dat we op weg waren naar de verkeerde waterval en dat we toch echt naar die andere grote waterval wilden gaan. Maar helaas, de beste man sprak geen woord Engels en was ook maar op pad gestuurd door die andere man van het toeristen bureautje. Gelukkig had hij wel een mobieltje en kon er nog even gebeld worden met het bureautje. Ja, hallo, we willen naar die andere waterval. De waterval waar we nu naar op weg zijn, daar zijn we gisteren al geweest. Wat zegt u? Dan moeten we bij betalen? Nee, toch, die andere waterval is net zo ver. Kunt u ons niet afzetten bij dat plaatsje vlak voor de waterval? De man van het bureautje noemt een plaatsnaam, maar we hebben geen kaartje bij ons. Is dat het plaatsje vlak voor de waterval? vragen we nog. Ja, vanaf daar kun je makkelijk naar de waterval komen. Ok, zet ons daar dan maar af. We geven de telefoon terug aan de bestuurder van de boot en hem wordt duidelijk gemaakt ons bij dat plaatsje af te zetten.

Na weer een half uurtje varen slaat de twijfel weer toe. Die waterval zou toch een heel eind stroomafwaarts moeten zijn en het laatste half uur waren we alleen maar tegen de stroom in aan het varen geweest. Al gauw werd duidelijk dat de plaatsnaam die ons genoemd was, niet de naam was van het dorpje dat we in gedachten hadden. Tsja, moeten we ook maar een kaartje meenemen waarop onze bestemming staat aangegeven. Al die Aziatische plaatsnamen lijken een beetje op elkaar. Nou ja, wellicht valt er in dit dorpje nog wat te regelen. Het was inmiddels 1 uur s'middags en we proberen de man van de boot duidelijk te maken dat we om 3 uur weer opgepikt willen worden. 3 uur ok? Met 3 vingers omhoog en wijzend op ons horloge. De man zegt OK.

We gaan het dorpje in, inmiddels wetend dat de waterval met een klein half uurtje met een taxi of bus alsnog bereikbaar zou moeten zijn. Helaas was de enige rit die we konden krijgen ongeveer 5 keer zo duur als dat de bootrit al kostte. Dat doen we dus maar niet. Weet je wat. We genieten gewoon van een lekkere lunch en laten ons om 3 uur wel weer oppikken. Die watervallen zijn dan wel voor de volgende keer dat we in Laos zijn. Wanneer dat dan ook mag zijn.

Na de lunch lopen we weer naar de plaats waar we met de boot afgezet zijn. Weet jij nog hoe hij er precies uit zag? Ik heb nog een foto waar alleen zijn achterkant op staat. Is dat hem? Nee, dat is hem niet. Inmiddels was het kwart over 3 en zowel de boot als de beste man waren nergens te bekennen. Weet je wat ik denk? Ik denk dat hij begrepen heeft dat hij ons over 3 uur op moest pikken. Dan komt hij vast om 4 uur. Laten we wachten tot even na 4 uur en dan kunnen we altijd nog een andere boot charteren.


Tijdens het wachten kwam er in ene een Fransman aangelopen. Wat ziet die er raar uit met die matrassen op zijn hoofd. Toch eens vragen waarom hij met die matrassen loopt. Tsja, ik had afgelopen nacht een kaarsje naast mijn matras staan, zei de fransman. En ik lag lekker te slapen toen ik het in ene heel erg warm kreeg. Zie ik in ene wat rook uit mijn matras komen. Dus probeer ik die rook wat te doven, blijkt in ene al de hele onderkant van mijn matras in de fik te staan omdat het vuurtje al sluimerend de andere kant van de matras had bereikt. We hebben de beste man vriendelijk uitgelachen om dit verhaal. Hij was dus met de familie van de guesthouse vanaf Don Det naar de markt geweest om nieuwe matrassen te halen. We zagen de man vertrekken met de boot van de familie en vroegen ons af of het niet slim zou zijn geweest om met zijn boot mee te gaan. De boot was echter wel erg vol met die matrassen erbij en we waren met zijn vieren. Het was dus helaas geen optie.

Inmiddels wat het al weer 4 uur. Onze boot was er nog steeds niet. We begonnen hem nu wel weer te knijpen. Net op het moment dat we willen besluiten een andere boot te regelen komt daar in ene toch onze boot aangevaren. Eind goed, al goed.

Op Don Det hebben we na deze boottocht nog een nachtje geslapen en net als de andere avonden weer genoten van het onweer in de verte. De volgende ochtend zijn we naar Stung Treng in Cambodja afgereisd. Ook dit verliep weer heel anders dan we hadden gedacht. Tot aan de grens tussen Laos en Cambodja liep alles op rolletjes. De grens moet je te voet over, en ondanks dat we al in Vientiane een visa hadden geregeld moet je zowel bij het verlaten van Laos als bij het binnenkomen van Cambodja 1 dollar "stempel toeslag" betalen. Dat is niet officieel, maar anders krijg je doodleuk je paspoort niet terug. De visa die we al in Vientiane hadden geregeld hadden we ook hier kunnen regelen. Dus voor een ieder die nog twijfelt of je een visa on arrival kunt krijgen bij de land border crossing van Dom Kralor / Veuhn Kahm: Als je van Laos naar Cambodja gaat dan kan dat. En dat scheelt je ook weer een dollar of 10 in de kosten.

Na alle stempel perikelen begonnen de perikelen met de bus. De bus chauffeur wilde niet vertrekken want 1 van de bus tickets zou zijn vervalst. Hij vertelde ons dat er voor nog een extra ticket betaald moest worden. Omdat iedereen al een ticket had betaald wilde uiteraard niemand die extra ticket betalen. Een hele groep toeristen, waaronder wij tweetjes, leken hier de dupe van te worden. Na 2 uur wachten vertrok dan eindelijk de bus. De chauffeur had al gedreigd ons allemaal te laten staan en was al bijna begonnen om alle bagage weer uit te laden. Na diverse telefoontjes en bemoeienis van de douane beambtes vertrok de bus dan toch. Ook dit liep weer met een sisser af en we zijn weer heelhuids in aangekomen. Van anderen hoorden we nog dat ze bustickets hadden naar Pnohm Penh en dat ze er in Stung Treng gewoon uitgezet waren.

Jullie gegrijpen wel dat we het hier nog uitstekend naar onze zin hebben. Ondanks de kleine tegenslagen is het hier verder geweldig. We lachen maar een beetje naar die boot bestuurder en die bus chauffeur en nemen het een beetje met een korreltje zout. We wilden ten slotte een beetje avontuur en zo krijgen we dat tenminste ook een beetje. Wel grappig hoe fel Italianen kunnen reageren als ze het gevoel hebben belazerd te worden.

In Stung Treng hebben we 1 nachtje geslapen. We baalden een beetje van de bank hier. In Laos hadden we al moeite met het vinden van een bank waar je met een Maestro kaart kon pinnen. Maar daar kon je dan in ieder geval nog met je Mastercard terecht. Via internet regelen we dan wel weer dat er een beetje geschoven wordt tussen de bankrekeningen en dat we gewoon op de Mastercard geld kunnen opnemen. Hier in het Noord-Oosten van Cambodja is het helaas nog slechter gesteld met de banken. Je kunt er alleen terecht met je Visa of je traveller checks. Met Master- of Maestro cards kun je hier helaas niks. En laten we nu visa en traveller check beiden niet hebben. Gelukkig hebben we een stapeltje dollars van huis meegenomen en worden deze hier overal als betaalmiddel geaccepteerd. De dollar is zo ongeveer de tweede nationale munteenheid van Cambodja.

Vanaf Stung Treng zijn we naar Ban Lung in de provincie Ratanakiri afgereisd. Het idee was een trekking van een paar dagen in de jungle. De eerste avond regent het echter zo hard dat we ernstige twijfels hebben aan het plezier van zo een trekking. We begrijpen dat het veel heuvel op en af is met modderige paden. In plaats van de trekking huren we dan maar een brommertje van het hotel. Het is een oud bakkie waarvan we al in het begin onze twijfels hebben. We rijden er mee naar het vulkanische meer in de buurt van Bang Lung om daar een rondje te lopen en keren daarna weer terug voor de lunch in Ban Lung. Als we na de lunch weer willen vertrekken voor de watervallen blijkt dat we een lekke band hebben. Omdat we dichtbij het hotel zijn besluiten we de brommer maar door het hotel te laten repareren. Daar denken ze er helaas anders over. Motorrent is cheap, you must pay for the repair. You go left, right about two hundred meters. Ja hallo, jullie leveren een brommer in slechte staat en als we dan na 10 km een lekke band hebben mogen we zelf de reparatie kosten betalen? Helaas is het in dit land niet anders. Daar volgens de brommer maker zowel binnen als buitenband vervangen moeten worden is de reparatie nog 2 x zo duur als de brommer huur. Uiteindelijk weet ik een deal te maken met het hotel dat we de kosten 50-50 delen. Omdat ook de remmen en de andere band in slechte staat zijn, besluiten we de brommer die middag maar te laten staan.

Omdat we geen dure trekking hebben gedaan, hebben we nog een beetje reserve dollars tot dat we pas in Pnohm Penh kunnen pinnen. Met ons reserve potje zijn we eerst nog naar Kratie gegaan om daar te kijken of we de Iriwaddy dolfijn in de Mekong kunnen spotten. Dat is gelukt, de dolfijnen zwommen een half uurtje redelijk in de buurt van onze boot, maar ze komen iedere keer maar heel kort boven water en ze springen niet uit het water. Fotograferen was dus erg lastig en vaak ben je net te laat. Hier links toch een heel klein succesje.
Voordat de boot vertrok was er eerst nog wat discussie daar we de prijs per persoon hadden betaald voor een boot met minimaal 3 personen. Die 3e persoon komt nog wel, dachten we. Dat was inderdaad zo, maar dat waren mensen van Cambodjaanse afkomst (nu woonachtig in Amerika) en het was niet de bedoeling dat Farang (vreemdelingen) bij cambodjanen op de boot gingen. Onzin vonden wij, en de gene bij wie we op de boot wilden vonden het ook onzin, dus uiteindelijk zijn we gewoon met hen op de boot naar de dolfijnen gevaren waar we genoten hebben van het prachtige uitzicht op de Mekong.


Inmiddels zijn we vanuit Kratie vandaag naar Pnomm Phen verkast. De bus reed gemiddeld nog geen 50 km per uur en zodoende duurde de rit bijna 8 uur. Morgen willen we het koninklijk paleis, de zilveren pagoda en/of het Tuol Sleng museum bezoeken. De geschiedenis van Cambodja is namelijk nogal heftig gezien wat er allemaal gebeurt is met de Rode Khmer en zo. Dat museum laat daar het een en ander van zien en als je Cambodja bezoekt hoort dat er toch een beetje bij. Na morgen zien we wel weer verder. Waarschijnlijk gaan we richting Siem Reap en de Angkor Wat.
Voor nu, mijn maag knort, het is over half 8 in de avond, dus dat is het weer voor vandaag.
Hier nog wat vragen die we de volgende keer wellicht beantwoorden:
- Waarvoor hangen er gordijntjes in de bussen van Cambodja?
- Wat dragen Cambodjanen op de brommer in plaats van een helm?
Groeten

maandag 25 mei 2009

Lage bloeddruk

Net als we bedenken dat onze bloeddruk niet verder kan zakken gaan we naar de 4000 eilanden in het zuiden van Laos. Eerst naar Don Khone. We rijden er rond op een fiets en ondanks een ketting die er regelmatig vanaf loopt en een ventiel die met een knal uit de band schiet, kunnen we ons werkelijk nergens druk om maken. Het is hier zo relaxed.

Ken je trouwens die mop al van die 2 mensen die naar een waterval gingen met vrienden? Die gingen niet.

Daar ik nu maar heel even op internet zit volgt de uitleg wel een andere keer.

Morgen gaan we echt naar Cambodja. Vanavond nog 1 nachtje in een spartaans hutje op het eiland Don Ket aan de rivier. Om 22 uur gaat de stroom uit en morgenochtend om 8:00 vertrekken we.

Groeten en als je alles wil weten over die waterval, lees dan de volgende blog.

vrijdag 22 mei 2009

Bijna naar Cambodja

Dit bericht heeft even op zich laten wachten, maar als reiziger heb je ook maar 24 uur per dag te besteden en soms gaan andere dingen voor.

Waar waren we ook al weer gebleven? Oh ja, we waren in Vientiane. Inmiddels zijn we erg gewend aan het vroeg wakker worden, dus dan ook maar lekker op pad. We waren toch in de hoofdstad, dus daar zal altijd wel wat te beleven zijn. Nou, in het centrum mooi niet, geen restaurantje open om 1/2 8 Na veel zoeken toch nog wat gevonden, en ook dan kom je mensen tegen die je al eerder hebt ontmoet. Altijd leuk. We hebben weer eens fietsen gehuurd voor een dag, dit keer had Rene een mountainbike, die paste iets beter bij zijn lengte. IK weer gewoon een city bike, want meer was er niet. Eerst maar eens naar de markt. Hier is echt alles te koop: kleding goed en zilver, mobieltjes, witgoed in folie, noem maar op. Daarna door naar de Arc de Triomf, oftewel Patuxai en naar Wat That Luang. Deze was wel groot,maar verder viel het een beetje tegen. Dan maar via een ommetje door naar de volgende tempel, Wat Sok Paluang. Hier hebben we genoten van een heerlijke massage en stoomsauna met een lekker kopje herbal thee. Het was vandaag namelijk niet zo heel erg warm met af en toe een beetje regen. s'Avonds hebben we onze eerste westerse maaltijd genomen, we konden de pizza niet voorbij laten gaan.

De volgende dag waren we natuurlijk weer vroeg wakker, dus nu maar naar de markt om een ontbijtje bij elkaar te smokkelen. Verder was het een beetje een rustdagje, want ik voelde me niet zo fit. We hebben wat inkopen gedaan en s'middags wat gelezen en geluierd. Staan ineens Jon en Abra voor onze neus die we met de Gibben Experience hebben ontmoet. Eind van de middag zaten we met een Fransman te praten die in Cambodja woont. Hij wist te vertellen dat het niet mogelijk was om een visa on arrival aan de grens van Cambodja te krijgen waar wij de grens over willen gaan. Er maar van uit gaande dat hij hier zo zeker van was hebben we onze plannen maar een dag opgeschoven en willen dit hier dan maar gaan regelen voor de zekerheid.

Inderdaad 15 mei naar de Ambassade van Cambodja met die gedachte daarna toch nog de bus naar het zuiden te pakken, wil het niet dat de ambassade de hele week gesloten was. Maar de eigenaar van ons guesthouse kon het wel voor ons regelen en dit zou om 5 uur klaar zijn, anders hadden we het hele weekend nog hier moeten blijven. Dus nog een dagje in de stad. We hebben de bus genomen naar het Budha park (Wat Xieng Khuan), hier ca. 25 km vandaan. Natuurlijk weer met de local bus. Er gaan echt halve marktkramen mee de bus in en als je denkt dat er echt niemand meer bij kan en je staat al klem, dan kunnen er best nog 3 mensen bij. De bus miste net een koe die plotseling over stak, maar de vrachtwagen op de anderer weghelft miste helaas niet. Kabeng. Onze bus reed vrolijk verder. Het Budha Park is een heel raar park van een of andere kunstenaar die het boedhisme en hindoeisme wilde combineren. Bij terugkomst n Vientiane s'middags nog even cultureel gedaan in het Nationaal Museum. Hier word je dan even echt met de neus op de feiten gedrukt hoe zwaar Laos het heeft gehad met alle oorlogen de afgelopen eeuw tot in de jaren 80 aan toe en snap je dat het land inderdaad in wederopbouw is.

De volgende dag dan eindelijk weer verder naar het zuiden, Thakhek. De bus vertrok stipt op tijd, maar 5 minuten later stopte hij alweer en binnen een mum van tijd stond de bus vol met allerlei handelaren die van alles aan je willen verkopen. Ja, zo duurt zo'n ritje wel even. In de bus voelde Rene zich al niet helemaal lekker. En in het guesthouse aangekomen was hij echt goed ziek geworden. Waarschijnlijk iets verkeerd gegeten, maar we hadden toevallig allebei hetzelfde gegeten en ik had nergens last van.Ik ben dus maar allen de stad gaan verkennen, maar veel was hier niet te beleven. De bedoeling was om hier een rondtoer op de brommer te doen van 3 dagen, maar ik zag de bui al hangen, dit zou nu even niet gaan lukken omdat Rene meer tijd op het toilet door bracht dan elders. Tijdens de 3 daagse rondtoer zouden we een grot bezoeken waarin een rivier stroomt en je met een boot ingaat om ca. 2 uur rond te varen.

De volgende dag zouden 2 zwitserse meiden hier naartoe gaan met een grote tuktuk en zij zouden daar dan blijven om door te reizen naar Vietnam. De tuktuk zou dan weer terug gaan. Ik kon dus met ze mee als ik wilde. Zo gezegt zo gedaan. Ik mee, en Rene een beetje uitzieken. Er zou nog een Laotiaanse studente meegaan die daar nog nooit was geweest, en vervolgens ging haar halve familie mee. Ook ging er nog een engelsman mee.

De rit ernaar toe was erg lang, maar wel gezellig. Zo'n 200 km in 5 uur. Maar het was zeer de moeite waard. We waren hier de enige westerse toeristen, dat maakt het nog specialer. Deze grot ThamLotKong Was pas sinds 2002 open. Als je hier rondvaart heb je soms het idee dat je gewoon op zee bent in een hele donkere nacht. Onderweg veel mooie stalagtieten en mieten gezien. Daarna weer 5 uur rijden naar Thakhek. Daar aangekomen zat Rene weer lekker te eten, met Nienke die we al diverse malen zijn tegengekomen. Weer redelijk opgeknapt dus.

18 mei weer een stukje zuidelijker met de bus. Dit maal zijn we met z'n 4en gaan reizen. Een schot en de engelsman die mee naar de grot was geweest. In Pakse zijn we dan ook gezamelijk een slaapplek gaan zoeken en daarna gegeten.

Vandaag, mijn verjaardag, hebben we maar weer eens een brommer gehuurd voor 2 dagen. Onze grote rugzakken hebben we opgeslagen, die hebben we niet nodig voor 1 nachtje. De rit ging naar Tad Lo, een waterval. Eerst hebben we nog een traditioneel dorpje met waterval bezocht: Pauxuam Cliff. Bij Tad Lo wilde we in een resort gaan slapen, maar bij afdingen ging de prijs uiteindeijk niet omlaag maar omhoog. Laat dan maar zitten. We hebben een ander mooi plekje gevonden aan het water. Hier hebben we een onderweg gekochte verse ananas op zitten peuzelen. S'middags nog een stukje door de jungle geklommen om de volgende waterval te bezoeken samen met Stefan uit Oostenrijk die we ook al vaker tegen waren gekomen.

Ons gezellige guesthouse bleek achteraf toch niet helemaal naar onze zin, want ondanks dat we aardig aan harde bedden waren gewend, was dit wel het toppunt. Geen ook dicht gedaan dus.
We zaten dus al weer vroeg op de brommer. Maar goed ook want het was nu droog en we hadden een slechte zand/steen weg voor de boeg, welke met regen erg moeilijk begaanbaar zou zijn. En jawel, het ging pas regenen toen we deze weg van 20 km net achter de rug hadden. Goed getimed dus. In Pakxaing hebben we dan ook echt moeten schuilen voor een stortbui, dus maar een hapje gegeten.
Later hebben we nog een thee fabriekje bezocht, maar er werd op dat moment niet echt gewerkt, ze zouden pas smiddags beginnen. Wel hebben we een rondleiding gehad. Wij dus maar weer verder om nog 2 watervallen te bezoeken. Hier hebben we Terence en Anet ontmoet, waar we nu al een paar dagen mee optrekken.
Op de weg terug naar Pakse zijn we nog bij een paar monniken (De oudste heette Pa Phou Sisay) terecht gekomen. Hier kregen we wat te drinken aangeboden en hebben we bijna 1 uur zitten kletsen en telefoonnummers uitgewisseld. Wij vonden het een hele bijzondere ervaring. Hier links ook nog een foto van zomaar een groepje kinderen onderweg:

Weer een dag verder: Samen met Terence en Anet zouden we richting Champasak gaan. Terence heeft een mooie deal kunnen sluiten met een tuktuk driver die ons rechtstreeks wilde brengen tot aan de boot naar Champasak. Daar aangekomen hebben we bij een guesthouse fietsen geregeld om naar Wat Phu Champasak te gaan. Een heel gedoe voordat we fietsen hadden waar we een beetje veilig mee onderweg konden (inclusief lucht in de banden). Helaas was mijn lucht na 10 minuten al weer op. Rene is dus terug gefietst om de fiets om te ruilen voor een waarvan het zadel behoorlijk wiebelde. Je kunt natuurlijk ook niet alles hebben. Bij de wat hebben we een poosje rondgelopen en mango's gegeten die rijp uit de boom vielen.

Vanmorgen zouden we aanvankelijk weer met zijn tweetjes op pad gaan, maar uiteindelijk gingen we toch weer met z'n 4en. Met een lokale gemeenschappelijke taxi zijn we naar eiland DOn Khong gereden. Erg gezellig tussen de locals, we hebben van alles aan eten mogen proeven van ze. Ik zat op de zakken rijst die ook mee moesten. Vervolgens met bus en al op de boot naar het eiland. Daar aangekomen hebben we eerst een hapje gegeten en daarna ben ik met Anet op pad gegaan om een goed guesthouse te vinden. De mannen bleven bij het bier in de buurt. s'Avonds genoten we nog van de sunset die we vanaf ons guesthouse balkon waar konden nemen.

Don Khong is super relaxed, dus hier zijn we nog even voordat we naar Cambodja afzakken.

Groetjes.

woensdag 13 mei 2009

Nog even nagenieten...

In een eerdere blog meldde ik dat we de Gibbon Experience hadden gedaan. Bij deze nog een filmpje om een indruk te geven van hoe het was.


dinsdag 12 mei 2009

The mighty Mekong, Tail of the crocodile en trompetteren verboden

Een week offline, dat is ongewoon voor iemand als ik. Maar echt gemist heb ik het niet. Nu dan toch maar weer de mail controleren en een verhaaltje maken voor op onze log.In de afgelopen week zijn we eerst met de slowboat van Houayxai in 2 dagen naar Luang Prabang gevaren. De boottocht gaat over de Mekong die dan weer heel breed is met rustig water, om een paar kilometer verderop te veranderen in een smal stuk met kolkend water en witte koppen. Dan zie je weer rijstvelden en runderen die badderen in de Mekong om verderop met de boot langs stijle rotswanden te varen die hoog boven de rivier uitsteken. De vele rotsen die we in het water zien maken ons dankbaar dat de kapitein goed weet waar hij wel en niet kan varen. Tevens zien we veel vissers die in het water staan om met hun net of harpoen hun maaltje te vergaren. De eerste dag varen we van Houaxai naar Pakbeng. Daar hebben we met Jon en Abra uit Nieuw Zeeland een hapje gegeten in een restaurantje aan de Mekong en gelijk wat foto's en filmpjes uitgewisseld van de Gibbon Experience bij welke we hen hadden ontmoet.
De 2e dag op de boot was een stuk warmer, zeg maar gewoon benauwd. Na 2 dagen op de boot hebben we het wel gehad met de boot. Je zit ten slotte alleen maar met een kussentje op een houten bankje dat bijna uit elkaar valt en veel beenruimte heb je niet.

In Luang Prabang arriveren we om ongeveer 17:00. We vinden een Guesthouse langs de Mekong (guesthouse Saisamone) en na een verfrissende douche lopen we een rondje over the night market en drinken we nog een biertje bij een barretje aan, alweer, de Mekong. We hebben een leuk gesprek met een fotograaf uit Londen die ook reportages maakt voor de National Geographic. Zijn naam heb ik helaas niet onthouden...

De volgende dag (7 mei) is het erg heet. We gaan dus fietsen. Al om 5:30 zijn we wakker en we gaan er gelijk maar uit om het ochtend leven van Luang Prabang mee te maken. Wat een bedrijvigheid zo in de vroegte. Op de morning market verkopen ze wel hele vreemde waren. Varanen, met de pootjes op de rug gebonden, dode eekhoorns, levende kikkers, vogels. Ik vraag me af of het allemaal om op te eten is. Na de markt beklimmen we Mount Phousi om te genieten van het uitzicht over de stad. Pas daarna ontbijten we. En echte ontdekkingsreizigers als we zijn, we gingen op zoek naar de graftombe van Henri Mouhot, de ontdekker van Angkor Wat in Cambodja. Zijn graf was in 1990 herontdekt en nu is er een graftombe. Helaas, niet gevonden. Het was ook veel te warm om echt lekker door te zoeken. Op de terug weg zijn we maar even gestopt bij een schooltje. We werden hartelijk ontvangen en de kindertjes gingen allemaal gelijk staan voor de groepsfoto. Deze dag zijn we verder nog volop op zoek geweest naar een bank waar je gewoon met een "maestro" bank kaart kan pinnen. Maar vermoedelijk hebben ze die niet in Laos. Dan maar geld opnemen met de credit card (mastercard). Dan moeten we er alleen voor zorgen dat we genoeg van de ene naar de andere rekening overboeken. Zodoende waren we toch weer even multi miljonair.

8 mei, alweer een hete en benauwde dag. Weer vroeg op en dit keer om de monniken hun ochtendronde te zien maken. Ze lopen rustig achter elkaar aan om van de mensen langs de kant een beetje sticky rice te ontvangen. De monniken die meer dan genoeg rijst hebben geven het deels weer weg aan de bedelende kindertjes die ook langs de kant staan. Daarna hebben we maar weer eens een brommertje gehuurd en zijn we naar de Kuang Si watervallen gereden. Op de parkeerplaats stond al een ander brommertje en ik, in de veronderstelling dat deze er al even stond, was even niet attent op de hete uitlaat van die andere brommer. Dat is dus een mooie goed verbrande driehoek geworden op mijn kuit. Wel zijn we lekker gaan zwemmen bij de watervallen. We vonden ze erg mooi en dat terwijl we aan het einde van het droge seizoen zijn. We zijn helemaal naar boven geklommen om over de rand van de waterval naar beneden te kijken. Terug in Luang Prabang kwam de dame van het Guesthouse met de "tail of the crocodile". Volgens mij is dit gewoon een Aloe Vera plant. De punt van het blad lijkt op een krokodil staart. Als je het blad open maakt heb je een soort creme die je op brandwonden kan smeren. Zo gezegd zo gedaan. De brandwond koelt er wel lekker vanaf en de blaar die erop zat verdween als sneeuw voor de zon. Vanuit Luang Prabang zijn we daarna toch nog even (we hebben nu immers toch dat brommertje gehuurd) wezen kijken of we toch nog die graftombe kunnen vinden. En dit keer slagen we wel.

9 mei. We verkassen naar Vang Vieng. Wat een geslinger met die bus. Wel hebben we weer prachtige uitzichten want de toch gaat dwars door het gebergte. Af en toe een klein dorpje en af en toe door de wolken. Geen airco, dus de bus had alle ramen open. In Vang Vieng waren we lang op zoek naar een guesthouse dat ons een beetje aan stond. Al die hele primitieve bamboe hutjes vonden we maar niets (zag er gewoon vies uit). En de dure hotels wilden we ook niet. Uiteindelijk vonden we een leuke kamer in een nieuwbouw guesthouse. Omdat het guesthouse nog niet af was was de kamer erg goedkoop. s'middags bezochten we het rocket festival. Allemaal laotianen die raketten afschieten om de regentijd in te luiden. Weer anderen verkleed als vrouwen om de goden boos te maken. Ze hebben die regen immers nodig om rijst te kunnen planten. De raketten die ze afschoten zouden overigens in Nederland direct verboden worden. Het zijn vaak zelf geproduceerde super vuurpijlen (sommige wel 5 meter lang) die via een stellage worden afgeschoten en zowat het geluid van een straaljager produceren als ze de lucht in gaan. We zijn vroeg gaan slapen nadat we een toertje voor de volgende dag hadden geboekt.

Die volgende dag dus een toertje met 2 mexicanen (hopelijk hebben ze geen griep ;-) ), een duitser en nog 2 andere hollanders. De toer bestond uit eerst een eindje rijden, daarna op een tractor binnenband een grot in waar stromend water in stond, vervolgens een lunch en daarna een bezoekje aan de elephant cave. De hele middag daarna zitten we verder in een kayak. Deels ging de kayak tour over de route van het tuben. Dat tuben is dat je gewoon in een tractorband die hele rivier af gaat (go with the flow) met een biertje in je hand en helemaal beschonken aan komt met allemaal barretjes waar je weer kunt bijtanken of via een of andere spectaculaire schommel of glijbaan de rivier in kunt duiken. Leuk als je een jaar of 20 bent, maar ja, we zijn nu eenmaal al een beetje ouder. Dus, gewoon kayakken.

Onze 3e dag bij Vang Vieng hebben we (alweer) een brommertje gehuurd. We reden naar de grootste grot in de buurt (Tham Phou Kahm). De weg was bepaald geen luxe. Een zandpad met allemaal stenen en rotsen en plassen water. Op zich wel fun, behalve toen we op de terug weg toch een keer onderuit gingen met die brommer. Op een slipperig stuk verloor ik eventjes de controle en dus daar lagen we dan. Gelukkig gingen we pas in de 2e versnelling met een heel rustig tempo, want nog sneller had echt gevaarlijk geweest. Op wat schrammen en een vieze broek na hebben we er niets aan over gehouden. s'middags zijn we nog naar het stuwmeer ruim 20km te zuiden van Vang Vieng gereden. Dat stuwmeer was niet zo slim aangelegd. Achteraf bedachten ze namelijk dat ze een heel bos met teakhout onder water hadden laten lopen, en dat teakhout is nogal prijzig. Inmiddels zijn ze bezig om alsnog dat teakhout uit het water te halen.

Dan ben ik eindelijk bij vandaag. Vandaag hebben we de bus genomen naar de hoofdstad van Laos: Vientiane. Onderweg naar de bus kwamen we nog het volgende verkeersbord tegen: trompetteren verboden. Humor, denk ik dan. Dus een foto. De buschauffeur dacht, volgens mij, dat hij Michael Schumacher was. Af en toe had ik het idee dat de bus bijna op 2 wielen de bocht door ging. We kwamen erg veel vrachtauto's tegen met dikke stammen teakhout die op de meest idiote manieren werden ingehaald door mr Schumacher. Na aankomst in vientiane zijn we ingecheckt in het Syri 1 Guesthouse. We zijn gelijk even de stad in gegaan en omdat er weer een regenbui kwam hebben we een hapje gegeten. Tijdens dat hapje las in een of andere engelstalig laotiaans dagblad de vacatures en moest wel lachen om de extra vereisten die ze stellen bij een van de it-vacatures: vrouwen, minimale hoogte 1.55m, mannen, minimale hoogte 1.65m. Zouden ze denken dat de lengte van je lichaam iets toevoegt aan je computer vaardigheden? Dan ben ik toch wel redelijk in het voordeel vergeleken met al die aziaten.

Iederen weer de groeten en tot de volgende keer.

maandag 4 mei 2009

We zijn in Laos

De laatste keer dat we online waren, waren we nog in Thailand. De dag erop zijn we met de boot de rivier de Mekong overgestoken naar Laos. Vanuit Houayxay zijn we van 2 t/m 4 mei begonnen met de Gibbon Experience (Sas, wil je Marie-Jose bedanken voor de tip!). Dit is een 3 daagse trekking in de jungle waarbij je van hut naar hut trekt deels aan kabels en deels wandelend.
In een woord: Geweldig.

Het begint al met de rit er naar toe. Het laatste uur is het alsof je mee rijdt in de Camel Trophy. Over roodbruine wegen met kuilen en modderpoelen slipt de auto af en toe van links naar rechts. Uiteindelijk kom je dan aan in een dorpje en begint de echte trekking het oerwoud in. Eerst nog 3 kwartier lopen over slipperige paadjes de bergen in naar "the kitchen". Aldaar kregen we de instructies over hoe je je safety belt eerst moet aanhaken, dan je roller en vervolgens hoe je vertrekt en dat je op moet letten niet met je hoofd tegen de kabel te komen. Na de uitleg gingen we op weg naar de eerste hut. Eerst nog een wandelingetje van 20 minuten en dan zijn we klaar voor de eerste tocht aan een kabel boven de jungle.

Probeer je voor te stellen dat je daar staat op een platformpje bij een kabel: je haakt je safety line aan de kabel, je roller en dan moet je vertrekken. De eerste afsprong is best eng, want daar ga je dan, aan een kabel 100m boven de grond, over het oerwoud. Nu sliepen we ook in de eerste hut, dus konden we gelijk eerst genieten van het uitzicht en onze rugzak achterlaten wanneer we verder trekken om toch nog een stuk van de omgeving te zien. Zo ben je dan de hele middag bezig met stukjes wandelen en weer een stukje "zippen" aan een kabel. Tegen 6 zijn we terug in de hut voor het avondeten en daarna kunnen we ons klaar maken voor de nacht. Daar liggen we dan in de hut met uitzicht over het oerwoud. En dan hoor je een helehoop geluiden (zelfs ik) die uit de jungle komen. Gekko's, andere reptielen, vogels en insecten. Beneden de hut zijn ook nog wat eekhoorns of ratten aan de gang. En dan s'nachts om een uur of 2 begint het te onweren. Eerst alleen wat flitsen in de verte maar al gauw stortregent en dondert het boven de hut. Ik voel druppels op mijn hoofd. Een van de gidsen had nog vertelt dat 3 weken geleden er nog een groep moest worden geevacueerd vanwege slecht weer. Maar wij hebben dus alleen maar een paar uur wakker gelegen in die hut omdat zo een onweer best eng is. Zo tegen vieren wordt het weer rustig en slapen we toch nog even. Om 6 uur zijn we weer op. We horen het gezang van de Gibbons en dat is een heel apart geluid. Heel in de verte zien we er ook eentje een meter of 5 naar beneden vallen van de ene naar de andere boom. Helaas te ver voor een foto. Omdat er overal mistbanken zijn gaat onze ochtendwandeling niet door. We ontbijten en gaan daarna alsnog op weg naar hut 2 om uiteindelijk terug in hut 1 terug te keren voor de lunch. 10 minuten voordat we terug zijn, barst er weer een tropische bui los. Doorweekt komen we dus aan om te lunchen. Pas om 4 uur trekken we weer verder want tot die tijd regent het. De 2e nacht overnachten we in hut 3. Daar aangekomen genieten we eerst weer volop van het uitzicht en eten we ons avondeten. Die nacht is het een stuk rustiger, alhoewel ook best eng, want we hadden gehoord dat er hier groene slangen zaten en hadden vlak voor het slapen gaan nog een hele grote dikke spin (tarantula?) met van die harige poten in de hut gezien.


De volgende ochtend zijn we weer om 6 uur wakker en weer kunnen we genieten van het gezang van de gibbons. Dit keer gaan we wel even wandelen het dal in. Daar zien we nog een paar apen springen (geen Gibbons, wat wel, dat weet ik niet). Helaas gaat het weer zo snel dat foto's maken weer niet is gelukt. Het is helaas alweer het einde van de trekking. Nog een uurtje rond zippen aan kabels. De langste was ruim 500 meter lang en de wel 150 meter boven het dal. Uiteindelijk weer terug in de Camel Trophy rit richting Houaxay. Nu zitten we even bij te komen, de foto's te bekijken die we wel gemaakt hebben en plannen te maken voor morgen: dan gaan we met de slowboat naar Luang Prabang.

Van de hele "experience" hebben we een hele hoop foto's en ook diverse filmpjes, maar helaas niet zoveel tijd om alles online te zetten. Misschien doen we dat nog wel een andere keer.
Tot zover dus weer onze ervaringen in het verre Oosten.